Over ons

Binnen het lerend netwerk Creatief Vermogen Utrecht richten we ons samen op het ontwikkelen en verankeren van cultuureducatie in het onderwijs en het vergroten van kansengelijkheid. Want kunst is van en voor iedereen. Kinderen ervaren de kracht van creativiteit door op hun eigen manier nieuwe ideeën te onderzoeken, oplossingen te bedenken of te maken.

Met TivoliVredenburg als penvoerder en Hogeschool voor de Kunsten Utrecht als kennispartner, werken 14 culturele instellingen en 45 scholen intensief samen in een meerjarig partnerschap. Creatief Vermogen Utrecht is een project in het kader van de landelijke regeling Cultuureducatie met Kwaliteit. Dit project is gestart in 2013 en wordt gefinancierd door het Fonds voor Cultuurparticipatie, (FCP) en de Gemeente Utrecht.

Maak hieronder kennis met de betrokkenen bij Creatief Vermogen Utrecht. Bekijk ook de partnerpagina’s om de scholen en culturele partners te leren kennen.

Jephta Hermelink

Jephta Hermelink is projectdirecteur van Creatief Vermogen Utrecht. Zij is verantwoordelijk voor CVU en stuurt het gehele project op hoofdlijnen aan.

Esmee Hickendorff

Als projectcoördinator is Esmee verantwoordelijk voor de organisatie van de kennisdeling, het scholennetwerk en het trainingaanbod.

Maaike van Woudenberg

Maaike is als projectmedewerker van CVU verantwoordelijk voor de communicatie en de contentcreatie.

Jolanda Schouten

Vanuit de HKU als kennispartner is Jolanda Schouten vanaf het begin betrokken bij Creatief Vermogen Utrecht. Zij is de kartrekker van de kennisdeling en deskundigheid van CVU.

Cas van Dijk

Vanuit de HKU is Cas verantwoordelijk voor de productionele zaken voor het Pabo-project, de ontwikkelgroep en deskundigheid.

Salomé Nobel

Salomé Nobel is als expert van de grondhouding en als trainer betrokken. Eerder ontwikkelde zij o.a. de theorie van de creatieve grondhouding van de leerkracht.

Arja Veerman

Vanuit de HKU is Arja betrokken als een nieuwsgierig onderzoeker, die altijd de praktijk opzoekt. Zij ontwikkelde de methode ‘makersdialogen’.